Zoek:

Inhoudstafel website:

Mediarecht: een ver-van-mijn-bed gebeuren?

terug verder

Mediarecht: een ver-van-mijn-bed gebeuren?

Lange tijd werd de inmenging door de overheid in de activiteiten van de pers of media als een beknotting van de persvrijheid beschouwd. De komst van massamedia, in de eerste plaats in de vorm van audiovisuele media en later de explosie van digitale media bracht daarin verandering. Dit bracht een mediabeleid tot stand dat uiteen valt in diverse aspecten: mediaorganisatie, beperkte wetgeving inzake geschreven pers, uitgebreidere wetgeving inzake audiovisuele pers en tot slot informatie- en communicatievrijheid.

Door de snelle technologische evolutie waar ook de media sinds de twintigste eeuw mee werden geconfronteerd rijst echter meer en meer de vraag in welke mate de traditionele (veelal nationale) mediawetgeving – eertijds geënt op de klassieke geschreven en audiovisuele pers – ook kan of moet worden toegepast op de digitale variant ervan en op nieuwe informatiediensten die sinds kort op de voorgrond traden.

Bovendien wint de internationale en vooral dan Europese regelgeving elke dag aan belang. Voor audiovisuele mediadiensten riep de Europese wetgever in 2007 nieuwe regels in het leven die het hoofd moeten bieden aan lineaire (traditionele televisiediensten) en niet-lineaire (op aanvraag) diensten. Voor de geschreven pers riep dezelfde wetgever bewust geen specifieke mediaregels in het leven en wordt alles tot op heden aan de lidstaten over gelaten. De juridische status van crossmediale informatiediensten roept tot op heden ook vele vragen op die sporadisch door rechters ingevuld worden.

Wat de situatie juridisch gezien misschien nog net iets complexer maakt is het feit dat de Vlaamse overheid wel bevoegd is inzake media, maar bijvoorbeeld niet inzake de aansprakelijkheidsregels die van toepassing zijn op de journalist, een toch niet onbelangrijk aspect. Bovendien is het internet grensoverschrijdend en is het vaak niet erg duidelijk welk recht van toepassing is, dan wel welke rechter bevoegd is om uitspraak te doen in een geschil.