Zoek:

Inhoudstafel website:

Belasting op informatie

Wanneer men het heeft over fiscale steunmaatregelen voor digitale producten en diensten zijn twee punten belangrijk. Vooreerst is nodig om na te gaan wat juist wordt belast. In Nederland is sinds 2003 op elektronische informatie het hoge BTW-tarief van 19% van toepassing in tegenstelling tot het 6%-tarief voor gedrukte informatie (boeken, dagbladen en tijdschriften). Het gaat hier echter om elektronische informatie op elektronische dragers, want in 1999 introduceerde de toenmalige Nederlandse minister van financiën Zalm naar Amerikaans voorbeeld een BTW-vrijstelling op digitale producten die via elektronische weg en los van drager worden aangeboden vb digitale muziek, tekst en video. Hierop kwam vanuit de dienstensector de kritiek dat elke dienstverlening die online verstrekt wordt van deze vrijstelling zou moeten genieten dus ook bijvoorbeeld iemand die uploaddiensten of internetwinkels aanbiedt. In België vallen tijdschriften en boeken ook onder een voordeeltarief van 6%. Dagbladen vallen zelfs onder een nultarief.

Ten tweede is de internetmarkt een wereldmarkt. Dat betekent dat het al dan niet verlenen van een voordeeltarief een serieuze concurrentieverstoring met zich mee kan brengen. Via een Amerikaanse site muziek aankopen wordt dan bijvoorbeeld goedkoper dan via een Belgische, waarbij wel een BTW-tarief geldt. Aangezien beide sites slechts een muisklik van elkaar verwijderd zijn, zal de gebruiker de stap vlug zetten. Ook indien buitenlandse bedrijven een Europese zetel openen, zullen zij kiezen voor het land met het voordeligste BTW-tarief, in casu Luxemburg (15%). Het is dus belangrijk dat er ten minste op Europees vlak naar een eengemaakt btw-tarief voor digitale diensten wordt gezocht.

 

 

 

In 2003 antwoordde de Europese Unie hierop door nieuwe BTW-tarieven op te leggen voor de verkoop van digitale producten en diensten (weliswaar voor een proefperiode van drie jaar). Daardoor betaalt de Europese consument BTW op alle elektronische aankopen. Een niet-Europees bedrijf dienst zich eerst te registreren in een EU lidstaat. Bij een digitale verkoop past die onderneming vervolgens het BTW-tarief toe van het land waar de klant woont. De Belgische particulier die zich abonneert op de Wall Street Journal Online zal dus 21 procent BTW betalen.

Deze situatie heeft een aantal implicaties voor de krantensector. Vooreerst kunnen zij dus niet genieten van een gunstig fiscaal klimaat voor de ontwikkeling van hun e-diensten zoals dat vb wel in de Verenigde Staten kan. Ten tweede spoort een dergelijk beleid niet aan om elektronisch te publiceren, aangezien het nultarief van toepassing is op dagbladen, maar op elektronische diensten wel 21% betaald moet worden. 

 

Uw reactie achterlaten:






(*) Verplichte velden

Uw e-mail adres zal nooit publiek vertoond worden op de site.

Enkel volgende elementen worden aanvaard bij het versturen van uw reactie:

  • * em
  • * strong
  • * blockquote
  • * code