|
Journalistieke opleidingen moeten uiteraard mee evolueren met de veranderingen in het beroep zelf. Hoewel de basisvaardigheden van de journalist grotendeels dezelfde blijven, stellen de digitale evoluties toch nieuwe uitdagingen voor de training en educatie van journalisten. De werk- en mediaomgeving waarbinnen de journalist vandaag moet opereren, wordt immers alsmaar complexer. Toekomstige journalisten zullen nieuwe competenties en vaardigheden moeten verwerven. De aandacht moet o.m. gaan naar nieuwe technieken en technologieën op het vlak van nieuwsgaring en nieuwsproductie. Ook de veranderende rol van de journalist en zijn veranderende relatie met bronnen en publiek vergen nieuwe competenties. Verder wordt ook het belang van ‘multiskilling’ vaak onderstreept. Naarmate meer en meer redactionele taken samenvloeien in het takenpakket van de journalist, zal deze nieuwe vaardigheden moeten verwerven. Anders gezegd: ‘multi-tasking’ vereist ‘multiskilling’. Daarnaast verwijst ‘multiskilling’ ook naar ‘multimedia’. |
In het digitale mediatijdperk, dat op alle vlakken gekenmerkt wordt door convergentie, werken journalisten steeds vaker voor verschillende media, die elk hun eigen logica en hun eigen taal hebben. Daarom moeten opleidingen afstappen van een monomediale aanpak. De kennis en vaardigheden die journalisten in opleiding verwerven, moeten hen in staat stellen om zowel voor de krant, een tijdschrift, radio, tv als het internet te kunnen werken. In het licht van de opkomende trend van amateur-journalistiek, kan men zich afvragen of ook journalistieke opleidingen en trainingen niet breder opengetrokken moeten worden naar niet-professionele contentaanbieders. Nu richten journalistieke opleidingen zich uitsluitende op de (toekomstige) beroepsgroep, terwijl er ook bij niet-professionele spelers een behoefte aan vaardigheden en technieken is. Niet alleen opleidingsinstituten, maar ook de media zelf kunnen op deze behoefte inspelen door bijvoorbeeld trainingen aan te bieden aan ‘burgerjournalisten’. |