| De mondige lezer is geen nieuw fenomeen. Reeds sinds het prille ontstaan van de krant, ontvangen uitgevers lezersbrieven of tips van het publiek die journalisten op het juiste spoor brengen of hen bijkomende informatie opleveren. Vandaag is de situatie echter grondig veranderd in die zin dat de mediagebruiker de touwtjes zelf meer in handen heeft. De huidige technologieën stellen de mediagebruiker in de mogelijkheid sneller en uitgebreider te anticiperen op bepaalde nieuwsfeiten of –ontwikkelingen. Het internet opende talrijke nieuwe deuren voor de geëmancipeerde gebruikers die meer willen dan het louter passief ondergaan van de mediaberichten die hen aangeboden worden door de bestaande print- en audiovisuele media en die er actief mee aan de slag willen gaan. De eerdere nieuwsmonoloog van de journalist lijkt steeds vaker plaats te moeten ruimen voor een interactieve dialoog waarin producent en gebruiker samen het nieuws vinden, maken, aanvullen en nuanceren. De rol van de gebruiker binnen het traditionele redactionele kader roept echter ook vragen op. Hoe moet je omgaan met de stroom aan reacties en mails van je publiek? De toestroom van inhouden van gebruikers heeft een dubbelzinnig effect. Enerzijds kunnen gebruikers kort op de bal spelen nu ze direct kunnen reageren wanneer ze zien dat er foutieve of onzorgvuldige journalistiek werd geleverd en zelf bijkomende informatie of expertise delen. Anderzijds kunnen gebruikers mogelijk foutieve, illegale en strafbare informatie en opinies aanvoeren die het medium in diskrediet kunnen brengen. Uitgevers krijgen geregeld klachten binnen op grond van feiten, opinies, foto’s die op zijn discussieforum terug te vinden zijn. Hoewel zeker niet alle klachten gegrond zijn, is er toch een gestage groei waar te nemen sinds de gebruiker zijn zeg kan doen via de ter beschikking gestelde plaatsen op de nieuwssite. De anonieme lokroep van het internet nodigt blijkbaar velen uit tot heuse scheldpartijen, banale opmerkingen, ongerelateerde commentaren of zelfs doodsbedreigingen. | Bepaalde gebruikers staan er ook niet bij stil dat bij het online plaatsen van een foto waarop een persoon herkenbaar is afgebeeld of het kopiëren van een tekst ze zich al snel in het vaarwater begeven van andermans rechten (recht op afbeelding, auteursrecht) waardoor de door hen aangeleverde inhoud als “illegaal” dient te worden bestempeld. Niemand wil de digitale boot missen en ziet het belang van een nieuwsdialoog tussen journalisten, redacties en gebruikers in. Maar welke verantwoordelijkheid dragen zij door de ter beschikking stelling van een kader waarin deze reacties kunnen worden tot uiting gebracht? Worden zij geacht in te grijpen wanneer een bepaalde reactie niet strookt met de Belgische wetgeving? Zo ja, welke maatregelen dringen zich dan op? De Vlaamse Raad voor Journalistiek heeft op deze bezorgdheid willen anticiperen en vaardigde op 12 maart 2009 een Richtlijn uit met het oog op een meer uniforme aanpak en deontologische bewustwording.
Reference: Evi Werkers, “De omgang van de pers met gebruikersinhouden: de bluts met de buil?”, Auteurs en Media 2009/5, 18 p. (in druk) |