|
Persvrijheid kan als een corrolarium van communicatievrijheid worden beschouwd. De pers vervult de belangrijke functie van waakhond in onze democratische samenleving en dient het publiek te informeren over alle zaken van algemeen belang. Dit werd reeds meerdere malen bevestigd door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dat journalisten een vrij verregaande bescherming biedt wegens hun cruciale rol in onze samenleving. Toch hangt de beoordeling in de rechtspraak af van verscheidene factoren zoals de inhoud van de boodschap, of al dan niet zorgvuldig werd gehandeld, het evenredige karakter van de beperking, etc. Pers- of communicatievrijheid is geen absoluut recht. De ongelimiteerde uitoefening van de vrijheid kan aanleiding geven tot onaanvaardbare misbruiken, met name wanneer schade wordt toegebracht aan de belangen van derden of van de maatschappij. Sommige misbruiken kunnen tevens worden gekwalificeerd als (druk)persmisdrijven. Beperkingen/restricties op deze vrijheid zijn toegestaan indien aan drie voorwaarden is voldaan. Ten eerste moet de beperking voorzien zijn bij wet. Ten tweede moet de beperking strikt noodzakelijk zijn in een democratische samenleving, met andere woorden er moet een dwingende sociale behoefte worden aangetoond. De restrictie/beperking moet een bestaansreden vinden in de limitatief opgesomde beperkinggronden (bv. de openbare veiligheid, territoriale onschendbaarheid, openbare orde, voorkomen strafbare feiten, bescherming goede zeden, bescherming rechten van derden (bv. privacy, recht op afbeelding, recht op goede naam, auteursrechten, etc.), voorkomen verspreiding vertrouwelijke gegevens, waarborgen gezag en onpartijdigheid rechterlijke macht). Ten derde mag de beperking niet verder gaan dan noodzakelijk is voor het bereiken van het wettig nagestreefde doel (proportionaliteitstoets). Het zijn vaak uiterst delicate evenwichtsoefeningen waarbij de communicatievrijheid moet worden afgewogen tegen andere fundamentele vrijheden. |
Ook bij mededelingen via het internet moet deze afweging worden gemaakt. Alhoewel het internet aan de ene kant een forum biedt waarop informatie, meningen, ideeën op wereldschaal kunnen worden uitgewisseld, kan niet worden voorbij gegaan aan het probleem van illegale en schadelijke inhouden die circuleren via het net. Illegale inhoud, met name inbreuken op de (meestal technologisch neutraal geformuleerde) strafrechtelijke regelgeving, moet worden geweerd. Racistische uitlatingen via blogs, kinderpornografie, websites die aanzetten tot misdrijven (bijvoorbeeld een handleiding om explosieven in elkaar te steken) etc. moeten beteugeld worden / blijven. Schadelijke inhoud daarentegen kan worden onderverdeeld in twee soorten. Enerzijds het gebruik van bijvoorbeeld provocerende door de pers, waarover het Europees Hof voor de Rechten van Mens reeds meerdere malen heeft benadrukt dat dit valt binnen de persvrijheid. Anderzijds kan bepaalde inhoud voor bepaalde onderdelen van de bevolking schadelijk zijn, bijvoorbeeld voor minderjarigen. Op dit vlak werden er op Europees vlak al stappen genomen om te zoeken naar werkbare methodes om minderjarigen te beschermen (zoals rating, filtersystemen).
|